Het was een beestig druk werkjaar dus mijn blog heeft eindeloos stilgelegen. Nu neem ik de draad weer op. In de eerste week van de nieuwe lente heb ik afscheid moeten nemen van twee dierbare en heel bijzondere mensen. Ik wil hen eren met deze kleine hommage.

Marc Harlekijn 1

Zaterdag 25 maart scheen de zon over het crematorium in Wilrijk. Binnen verzamelde een schare – meestal oudere – acteurs om afscheid te nemen van een heel bijzondere collega. Marc Janssen, mijn schoonbroer, was een begenadigd acteur. Een product van de beroemde Studio Herman Teirlinck. In zijn jonge jaren veroverde hij het publiek in de Koninklijke Nederlandse Schouwburg o.a. met uitgepuurde vertolkingen van de nar in King Lear, de filosofische officier Tsjeboetikin in Tsjekow’s Drie Zusters of Zotte Rik in De Parochie van Miserie. Vooral met zijn vertolking van de Russische revolutionair Lenin in Het testament van Lenin van Robert Bolt heeft hij theatergeschiedenis geschreven. Hij speelde Lenin toen niet, hij was Lenin. Voor die uitzonderlijke prestatie kreeg hij verschillende prijzen, zoals de De Gruyterprijs, de hoogste onderscheiding die een acteur in Vlaanderen te beurt kon vallen.

Marc Lenin

Ik herinner me nog goed hoe fier ik was toen ik dat zag. Ik was een twintiger toen en hield ervan om naar de KNS in de Bourla te gaan om de man van mijn ‘grote’ zus aan het werk te zien. Zijn leven was het theater. Marc kon ook geweldig de clown uithangen, op en naast het toneel. Zijn monkellachje en pretoogjes zullen iedereen die hem kende nog heel lang blijven volgen. Regisseur Walter Tillemans schreef in zijn In Memoriam: “Met Marc verdwijnt een van Vlaanderens mooiste acteurs; hij schreef, zoals wij van het theater allemaal, met zijn verbeelding en zijn présence, in het zand; en de golfslag van het leven spoelde hem weg. Maar zij die hem in het theater meemaakten koesteren de herinnering aan een bijzonder acteur.”

Affiche Zaman

In 1983 ging hij samen met Herbert Flack het avontuur aan in de eerste Vlaamse politiefilm ZAMAN, waarin hij de titelrol vertolkte. Een film die totaal onverwacht het publiek veroverde omdat Marc Janssen van de rechercheur Zaman geen held maakte maar een bewogen mens in zijn strijd  tegen corruptie. In elke rol, ernstig of komisch, stak hij immers poëzie en ging hij tot de bodem om de kern van het personage te vinden. Onder anderen Robbe De Hert en Eric Van Looy koesteren de film ZAMAN nog altijd. Die droeg toen de eerste zaadjes voor De zaak Alzheimer.

Marc speelde in tientallen televisieseries, langspeelfilms en televisiefilms. Zijn leven en liefde was echter het theater en toen in 1998 het KNS -gezelschap uiteen viel  is ook het doek gevallen voor de acteur Marc Janssen. Hij koos ervoor om vanaf dan enkel nog kleinere gastrollen te vertolken, zoals de aalmoezenier in De Zaak Alzheimer. Op een van de eerste lentedagen van 2017 kreeg hij in Wilrijk, na de mooie woorden van Jan Decleir, Herbert Flack en Herman De Prins en het vertonen van een kleine selectie uit zijn repertoire, zijn laatste staande ovatie. Hij werd net geen 77.

 

Enkele dagen eerder had in de kleine parochiekerk van Kruibeke de uitvaart plaats van Magda De Groeve, op de radio destijds beter bekend als ‘Magda van de Zoo’. Ook haar heengaan heeft me aangegrepen, want we waren vriendinnen van in de lang vervlogen Kattekwaad-tijd. Magda was hoofd van de educatieve dienst van de Antwerpse Zoo toen wij in 1989 met haar contact namen voor een vaste dierenrubriek in ons kinderprogramma op Radio 1. Zij wist toen nog niet dat ze een half jaar later beroemd zou zijn als ‘Magda van de Zoo’ en ook zo zou worden aangesproken door de vele kinderen die haar schreven of telefoneerden. Wij zijn dolblij geweest met de bijdragen van deze gezellige experte. Al van het eerste moment dat ik met mijn microfoon binnenstapte, klikte het tussen ons. Zij zag er een beetje streng uit, maar bleek dat helemaal niet te zijn wanneer er kinderen in de buurt waren. Zij vond het ook prima dat ik haar af en toe eens op het verkeerde been zette (wat ik eigenlijk niet kon laten) en maakte zelf voortdurend grapjes over al die oren, poten en staartjes in de Zoo. Onze luisteraars hingen aan haar lippen.

Magda van de Zoo heeft mij alle hoeken van de dierentuin leren kennen, en ook de geuren die ik jammer genoeg niet naar de huiskamer kon sturen. Samen zijn we zelfs tot op het dak geklommen om alles nog beter te kunnen observeren. Zij wist waar ik thuishoorde en dus heeft ze mij de eerste keer ontvangen in het apenkot: het splinternieuwe verblijf van de chimpansees, waar ik de touwladder, het stro en de voederbak mocht uitproberen. Zonder andere apen in de buurt natuurlijk, want dat was veel te gevaarlijk. Dat kon ik merken toen ik langs de slaaphokken liep en zij wild begonnen te krijsen en stampen. Ik mocht met haar ook lieve aapjes bezoeken, o.a. een babydier dat verstoten was en een tijdlang bij een van de oppassers gelogeerd had. Dat zagen we aan de luier die het nog aan had. Magda lag samen met mij en de oppasser op de grond toen we de integratie van dat aapje bij zijn soortgenoten zagen gebeuren. Ze liet me ook eens de braakbal van een uil openmaken, nam me mee naar het nijlpaard dat plots begon te kakken en zette me op scherp voor de glazen kooi van de vogelspin. Ze hield ervan mij telkens te verrassen, en toch gebeurde er altijd iets waar zij zelf niet op gerekend had. De dieren speelden mee.

Zo stonden we een keer achter de streep die in de gang achter de leeuwenkooi getekend is en waar je nooit mag over stappen omdat je dan te dicht bij zijn klauwen komt. Oog in oog met zo’n wild dier gaat je hart vanzelf bonzen. Midden in de uitleg van Magda liet koning leeuw een heroïsche schreeuw en begon met zijn gemalin te paren. Ik plakte tegen de muur van schrik, maar Magda herstelde zich in een oogwenk en begon op haar gezellige, gezapige manier commentaar te geven. Bijzonder educatief trouwens!

Magda heeft mij vaak doen zweten in de Zoo. Maar één keer heb ik revanche kunnen nemen. Bij de opname van onze ‘Kattekwaad’-CD in 1991 had ik, op vraag van platenbaas Hans Kusters, die een fan was van ‘Kattekwaad’ én van Magda van de Zoo, een tekst over die rubriek gemaakt op muziek van Guido Van Hellemont. Wij gingen samen rappen, of toch iets dat daarvoor doorging. Nu was ik op mijn terrein, in een andere kooi, de opnamestudio van de BRTN. Magda voelde zich daar in het hol van de leeuw. Ik had echter een flesje wijn meegenomen en na een glaasje of twee begon het lekker te lopen. We hebben nog hard gelachen die dag, maar dat heb ik altijd gedaan met Magda van de Zoo.

Na haar pensionering werd Magda de Groeve voorzitter van het WWF. Tot aan haar dood zette zij zich in voor dieren, maar ook voor mensen die het moeilijk hadden. Ieder jaar namen we ons voor om samen weer eens naar de Zoo te gaan, zoals in the old times. Maar het is er niet meer van gekomen. ‘Magda van de Zoo’ is nu voor eeuwig haar eretitel. Vaarwel lieve, hartelijke, grappige, wijze vriendin.

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

Categorie

Geen categorie, Kattekwaad (100 jaar radio)

Tags

, , , , , , , ,